Eerst vecht het hele dorp even goed (inclusief leider Abraracourcix) en vervolgens winnen ze gebroederlijk van de Romeinen. Als er ergens moed gevraagd wordt dan is dat in het directie-team. Juist als het buiten stormt moet het binnen nog meer kunnen stormen. Om daarna in alle rust de koers te bepalen (en bewaken).

Bijkomend voordeel: als een directie beslissingen en confrontaties niet uit de weg gaat is de kans groot dat de rest van de organisatie ook moed gaat tonen. Reden genoeg om te kijken naar de moed in het leiderschap van de directie-leden individueel en het team als geheel.

Het versterken van een MT kent de geijkte tools. Van kleuren en drijfveren tot Belbin. Van visie en missie tot agile. Van opstellingen tot brainstorm-sessie. Deze tools hebben hun waarde bewezen maar verliezen waarde als er te weinig moed (toverdrank!) wordt toegevoegd. Die moed kan – afhankelijk van de karakters van directie-leden en context – veel vormen aan nemen. Moed om te confronteren, beslissingen te nemen en zelfs terug te draaien. Moed om het elkaar en de organisatie moeilijk te maken. Maar ook moed om kwetsbaar te zijn en falen toe te geven.

Dik twee decennia begeleidt ik directie-teams en leiders en zeven jaar terug kwam daar met de moed-focus een belangrijk element bij. Ik moed wel eens de minst gebruikte open deur. Iedereen snapt dat het nodig is maar er echt goed naar kijken zijn we niet zo gewend. Ook niet in directie-teams. Als je in het heetst van de strijd aandacht schenkt aan durf dan ben je te laat of ontstaan er te emotionele reacties. Het dak kan je immers het best repareren als het droog is.

Hoe? Ik geloof in het letterlijk aan tafel gaan in het pand waar het team dagelijks verantwoordelijk is. Dit symboliseert ook dat moed werken is. Het hoeft niet in luxe resorts. Het is al luxe genoeg dat er rustig de tijd wordt genomen voor het omgaan met (potentieel) kritieke momenten. Het is geen rocketscience maar een kwestie van alles bespreken wat gezegd moet worden. En ook doorhebben welke processen de moed ondermijnen. Natuurlijk komt wel eens een model of theorie voorbij. Maar 97 % van wat besproken wordt ontstaat ter plekke op basis van wat er echt speelt. In het echt is altijd moed nodig. Wat er nu speelt bepaald de agenda. Hoe het vroeger was en wat er over vijf jaar zou kunnen gebeuren is minder interessant. Onderstaande vragen kunnen de rode draad vormen:

  • Wat zijn nu onze hoofdpijndossiers en wat vraagt dat van ons?
  • Hoe moedig ben ik als directie-lid als het erop aan komt?
  • Wat remt onze moed? Wat versterkt onze moed?
  • Waar hebben we naar binnen moed voor nodig? Knokken we genoeg, maken we het elkaar lastig genoeg?
  • Wat hebben we naar buiten moed voor nodig? Wat is nodig om de Romeinen te verslaan?

Met alle plezier kom ik langs in jullie team om te sparren en van gedachten te wisselen over moed. Wat ik tenslotte nog wil meegeven: het elkaar moeilijk maken is ook een proces dat met humor en relativering kan. Als de intenties maar goed zijn. Als die niet in orde zijn is er ook weer moed nodig. Zo blijf je aan de gang : )

Bewaren